Op de plaats van de huidige kerk hebben eerder vermoedelijk minstens drie houten kerken gestaan die alle drie vernield werden door een brand.  De eerste kerk werd vermoedelijk gebouwd rond 960 door Harald Blauwtand.  Tussen 1050 en 1100 werd deze vervangen door een kerk van steen en werd het stoffelijk overschot van diens vader Gorm de Oude overgebracht van de grafheuvel waarin hij was begraven naar de kerk.  
In 1874 en 1875 werden op de muren van het koor muurschilderingen ontdekt uit de periode omstreeks 1100.  Dit zouden de oudste muurschilderingen van Denemarken zijn.  Zij zijn echter voorgoed verdwenen nadat ze werden gekopieerd, een nieuwe pleisterlaag werd aangebracht op de muren en er dan terug werden opgezet waardoor de originelen dus voorgoed verloren zijn gegaan. 

Tijdens opgravingen aan het einde van de jaren zeventig van de 20ste eeuw is onder de kerk een graf gevonden met daarin de overblijfselen van een man … vermoedelijk het lichaam van koning Gorm de Oude.

Bij de millenniumwisseling in 2000 werd de kerk gerenoveerd en kreeg kunstenaar Jorn Larsen de gelegenheid om het interieur van de kerk opnieuw vorm te geven.
In de kerk kan je een preekstoel vinden in renaissancestijl die stamt uit ongeveer 1650, een doopvont van oud-Duitse oorsprong daterend uit ongeveer 1575 met springende dieren als motief en letters die echter geen woorden vormen, apostelfiguren, een schip dat werd opgehangen op 25 juni 1944, de figuur van Catharina van Alexandria naar schatting uit het begin van de 16de eeuw, het bisschopskruis als het oudste fresco in de kerk en een zilveren kruisbeeld dat in 1699 werd geschonken aan de kerk.

De belangrijkste bezienswaardigheid van de Jelling Kirke staat echter buiten de kerk en dat zijn de twee grote runestenen met inscripties.
De kleine runesteen is rond 950 door koning Gorm de Oude opgericht ter nagedachtenis aan zijn vrouw Thyre. De steen is ongeveer 140 centimeter hoog. Op de voorzijde staan drie verticale lijnen runeschrift en op de achterzijde slechts één. De enige versiering zijn twee slangenkoppen bovenaan de achterkant van de steen die de runelijnen afsluiten. Op de steen staat de volgende tekst: Koning Gorm heeft dit monument opgericht ter nagedachtenis aan zijn vrouw Thyre, de glorie van Denemarken. Op de achterkant staat het woord Denemarken.
De grote runesteen werd opgericht rond 965 onder Harald I van Denemarken. Het is de grootste runesteen ter wereld en heeft de vorm van een driezijdige piramide met twee zijdes waarop een afbeelding staat en een zijde met een inscriptie. In tegenstelling tot de traditionele verticale schrijfrichting staat de inscriptie op de grote runesteen horizontaal. De inscriptie luidt: Koning Harald heeft de opdracht gegeven dit monument te maken ter herinnering aan Gorm zijn vader en Thyre zijn moeder, de Harold die heel Denemarken en Noorwegen voor zich gewonnen heeft en van de Denen christenen maakte. De afbeeldingen tonen dierenpatronen en ineen gevlochten lineaire patronen. Op de zuidwestelijke kant van de steen staat de vroegste afbeelding van Christus in Scandinavië met een inscriptie die verband houdt met de kerstening van de Denen tussen 953 en 965.

De inscripties op de twee stenen zijn aangetast door duizend jaar blootstelling aan weer en wind. In november 2008 werden de stenen beschermd door een glazen constructie die steunt op een stalen skelet.

Achter de kerk staat het “stenen schip” van Jelling dat mogelijks werd gebouwd in de eerste helft van de 10de eeuw door Gorm de Oude. Het is zo’n 350 meter lang en werd aangelegd rond een kleine heuvel, nu de grafheuvel van Thyre. Het stenen schip is niet meer zichtbaar maar de oorspronkelijke ligging wordt aangegeven met witte rechthoeken.

In 1994 werd Jelling opgenomen op de werelderfgoedlijst van UNESCO.

(Op de fotopagina kunt u nog andere foto’s bekijken van Denemarken)

Scroll naar top